Op Rudolf Steiners leest geschoeid

‘mooi verpakte’ lege doos

Er wordt me vanuit de antroposofische beweging wel eens verweten dat ik niet inhoudelijk in zou gaan op het antroposofisch onderwijs. Vooral de ‘ervaren’ antroposofisch leraar Witvliet neemt hier een voortrekkersrol in. Nu is het vrij moeilijk discussiëren met mensen die een afwijkend wereldbeeld koesteren en de mening van andersdenkenden als niet ter zake doend kwalificeren.

Desondanks onderneem ik geregeld pogingen om met antroposofen en angehauchten in gesprek te gaan. Probleem is dat die vaak allergisch zijn voor de werkelijkheid. Je kunt dat merken door ze een concrete situatie te schetsen en dan hun reactie te observeren. In de meeste gevallen vluchten ze in abstracte denkbeelden die ze ontlenen aan hun ‘founding father’ Rudolf Steiner. Maar inhoudelijk ingaan op de alledaagse werkelijkheid zit er zelden in.

Neem nu het taalonderwijs in de steiner/vrijeschool. Niet alleen de dagelijkse praktijk, getuigenissen van ouders en leerlingen, maar ook wetenschappelijke onderzoeken hebben uitgewezen dat het antroposofisch taalonderwijs ondermaats is. Omdat taal de ruggengraat van onderwijs is, wordt duidelijk waarom steiner/vrijescholen zoveel moeite hebben om overeind te blijven. Dat leerlingen Algemeen Vormend Onderwijs bij het verlaten van de school met moeite een correcte zin uit de pen krijgen, zegt niet alleen iets over het onderwijs dat ze hebben ‘genoten’, maar ook over de manier waarop antroposofische scholen willekeurig diploma’s uitdelen. Zelfs aan leerlingen die amper kunnen schrijven.

Ter illustratie enkele zinnen uit een korte tekst van een op Rudolf Steiners leest geschoeide mensch. De rest van de tekst is evenwaardig.

  • ‘Hoeveel schilders hebben het al niet geschildert.’ [spellingfout]
  • ‘…het eindigt in een komplete lofzang…’ [spellingfout + grammaticafout]
  • ‘…zonder dat dootzettingsvermogen kom je er niet maar als…’ [interpunctiefout]
  • ‘…wat heel belangerijk is voor het slagen…’ [spellingfout]
  • ‘…uit onzekerheid twijfel en daarom stress…’ [interpunctiefout + grammaticafout]
  • ‘…en allerlij dingen tegenkomt waarvan je nooit had vermoedt dat het kon gebeurenen dat is jammer…’ [spellingfouten + stijlfout + grammaticafout]

Opmerkingen over het gebrekkige steineronderwijs worden door volgelingen van Rudolf Steiner systematisch weggewuifd, genegeerd of als niet inhoudelijk bestempeld. Naar aanleiding van bovenstaande tekst van een ‘product van de antroposofische school’ stelde ik antroposofisch leraar Pieter Witvliet inhoudelijke vragen over de tekst en gaf ik zelfs aan waar de fouten zitten. Op de vragen (klik op onderstaande afbeelding om in te zoomen) kwam geen antwoord, ondanks dat deze ‘leraar’ beweert ‘zijn kennis te hebben doorgegeven aan talrijke leraren’. Waarschijnlijk beseft de man dat hij niet kan en mag reageren op deze vragen, omdat dan duidelijk wordt dat diegenen die verantwoordelijk zijn voor de armzalige schrijfvaardigheid van deze steinerleerling jarenlang niet in de gaten hebben dat leerlingen de elementaire beginselen van de Nederlandse taal niet beheersen.

spelling steinerschoolleerling

klik op afbeelding om in te zoomen

(pdf)

Print Friendly
facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

5 thoughts on “Op Rudolf Steiners leest geschoeid

  1. Antroposofisch leraar Witvliet vindt de blinde vlek voor de gebrekkige schrijfvaardigheid van een van zijn pupillen niet erg: ‘Al zou de leerling voor spelling een nul hebben, daarmee IS hij/zij nog geen nul’. Welkom in het land van de steinerpedagogen.

    Witvliet gaat om de hete brij heen. Hij wil niet antwoorden op mijn vragen, omdat dan duidelijk wordt dat hij niet heeft gezien dat een van zijn pupillen de noodzakelijke basisvaardigheden van schrijven niet heeft verworven, maar toch telkens een klasje hoger is opgeschoven. Dat heet een blinde vlek hebben.

    Pieter HA Witvliet op zijn antroposofisch:

    (…) Nu schijnt de Jonghe mij een mail te hebben gestuurd met vragen over ‘gebrekkige spelling’ .

    Die had hij hier kunnen stellen. Wanneer hij daarvoor niet kiest, is dat zijn keuze; maar dan niet piepen dat de vragen niet beantwoord worden. Zijn mails worden geblokkeerd door de spamfilter.

    Nu de antwoorden niet komen, begint de vooroordeel/generalisatiemachine op volle toeren te draaien:
    ‘Waarschijnlijk beseft de man dat hij niet kan en mag reageren op deze vragen, omdat dan duidelijk wordt dat diegenen die verantwoordelijk zijn voor de armzalige schrijfvaardigheid van deze steinerleerling jarenlang niet in de gaten hebben dat leerlingen de elementaire beginselen van de Nederlandse taal niet beheersen.’

    Dat ‘waarschijnlijk’ spreekt al een taal op zich. En opent de deur naar een dwaze fantasterij:

    ‘Mag’ – van wie zou ik wat niet mogen?

    En ’kunnen’: dat is een andere zaak.

    Want -aan het belangrijkste gaat de Jonghe vrijwel altijd voorbij , ook hier – hoe is deze leerling, (emotionele, sociale, cognitieve ontwikkeling,
    i.q. ? )
    Zonder deze leerling te kennen, is het ‘op afstand’ niet mogelijk over hem of haar iets zinnigs te zeggen.(…)

    Mijn vragen gaan over taalonderwijs. Dit aan de hand van een tekst. Iedere bekwame leraar zou aan de hand van die tekst kunnen beoordelen wat er fout is en welke vaardigheden al dan niet zijn verworven. Witvliet kan dit dus niet. Hij moet daarvoor blijkbaar de schrijver van de tekst kennen.

    Wat een lacher.

  2. Pingback: ‘Maakt niet uit of je op een vrijeschool hebt gezeten of niet’ | Vrije School

  3. De vruchten van enkele decennia steinerpedagogische ervaring. Pieter Witvliet, die naar eigen zeggen met zijn echtgenote Catherine Witvliet-De Mooij, zijn eigen kinderen heeft onderwezen (zie fragment in artikel), geeft weer inzage in de gereedschapskoffer van de antroposofische leraar: ‘Gedoceerde leugens’

    Een spellingchecker maakt uiteraard het onderscheid niet tussen doceren en doseren, maar van een beetje onderwijzer mag toch worden verwacht dat hij dit zonder hulpmiddelen voor mekaar krijgt? Anderzijds is dit soort onkunde alvast een verklaring voor het feit dat leerlingen van de antroposofische school leerachterstanden oplopen. Overigens, leraren die zelf cognitief niet meekunnen in het reguliere onderwijs vinden vaak een ‘veilig’ onderkomen in de antroposofische school.

    Dat taalkundig zwakke leraren zich al schrijvend op het internet begeven, is op zich al vreemd, want iedereen kan dan zien dat die leraren hun vak niet onder de knie hebben. Antroposofen zetten zich daar echter met de nodige dosis narcisme over met het bijkomende argument dat geschreven taal maar een bijkomstigheid is. Desondanks schrijven ze wel uitputtende propagandateksten om hun leer en hun profeet aan de man te brengen. Maar ook die zijn vaak van een lamentabele kwaliteit.

    Dan hebben we het nog maar over de vorm. De inhoud toont pas echt hoe laag het intellectuele niveau is. Antroposofen hebben de slechte gewoonte om zaken voor waar aan te nemen, zonder ook maar enige research te doen naar waarheidsgehalte. Niet dat iedere antroposoof geen bronnen wil of kan controleren, maar het lijkt wel een soort gemakzucht om zonder meer maar wat te gaan orakelen en dat als vaststaand te beschouwen. We kunnen misschien zelfs van een soort Rudolf Steiner-syndroom spreken.

    Een mooi voorbeeld van een antroposofisch leraar die zich daar voortdurend aan bezondigt, is natuurlijk de hier al vaak ten tonele gevoerde Pieter Witvliet aka Joost Alfrik. De man klopt zichzelf zo hard op de borst met zijn zelfverklaarde successen tegen de ingebeelde vijanden van de antroposofische zaak dat het meelijwekkend wordt. Niet omdat hij zichzelf de hemel in prijst, maar wel doordat hij steeds maar weer laat zien hoe weinig notie hij heeft van research of bronvermelding.

    In zijn laatste pennenvrucht slaat hij de bal dermate mis, dat het eigenlijk pijnlijk is om naar te kijken. Het lukt deze antroposoof namelijk zelfs niet om een gemakkelijk toegankelijke tekst terug te voeren naar de auteur ervan; Witvliet dicht de tekst daarom maar aan iemand anders toe op basis van zijn warrige hersenspinsels. De hem kenmerkende beledigende taal maskeert dit euvel niet, maar accentueert nog meer de zwakte van het betoog.

    Deze mensen, binnen de antroposofische geloofsgemeenschap breed gedragen, worden verondersteld kinderen op te leiden tot mondige en kritische wereldburgers. Hoe kunnen ze dit als ze zelf door het bos de bomen niet zien?

  4. Zoals verwacht heeft Pieter ‘Alfrik’Witvliet zijn knullige spellingfout wel dankzij mij kunnen verbeteren, maar ontbreekt het hem aan het inzicht om de rest van zijn flaters te detecteren en blijft hij als een blinde gelovige zijn hersensinsel dat ik op Wikipedia gebruiker Klaas1978 ben, koesteren.
    Arme Pieter, zich zo beroepen op zijn ervaring en eigenlijk niet begrijpend kunnen lezen. 🙂
    Zelfs met hulp lukt het niet.

  5. Pingback: De adepten van Rudolf Steiner – Antroposofie Viraal [AV]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *